Geen afscheid? En dan.

Als kind al werd me bijgebracht dat het netjes is om gedag te zeggen bij het komen en zeker bij het weggaan. Je vertrekt niet zomaar zonder iets te zeggen. Wel of geen afscheid nemen. Iets wel of niet goed afronden. Het zijn thema’s die regelmatig voorbijkomen in de praktijk en me steeds opnieuw raken.

Een klein voorbeeld, niet te zwaar, brengt me terug naar mijn eerste bruiloft waarbij het bruidspaar de wens had dat je op het eind vertrok zonder afscheid te nemen. Ik snapte de gedachte wel. Want het stoort hen in het feestvieren, zeker als je van plan was vroeg weg te gaan. Toch vond ik het lastig en had ik er moeite mee. Zij hadden de moeite genomen mij uit te nodigen en voor een fantastisch feest te zorgen en ik kon zonder te bedanken gewoon naar huis gaan? Natuurlijk heb ik hen wens gerespecteerd en heb ik achteraf een bedankje gestuurd. Maar het was zo in strijd met mijn opvoeding en de daarin aangeleerde norm. Die norm was zoals Toon Hermans het ooit schreef:

“Ga nooit weg zonder te groeten,

ga nooit heen zonder een zoen.

 Wie het noodlot zal ontmoeten,

kan het morgen niet meer doen.”

Nu vraag ik me wel eens af of mijn moeder iets had met dit thema, omdat het ons zo werd aangeleerd, maar ik heb het haar nooit kunnen vragen. Zij stierf op 56-jarige leeftijd. Veel te jong natuurlijk. Na een kort ziekbed waarbij ze in slaap gehouden werd, overleed ze, zonder dat we nog woorden konden uitwisselen. Zonder echt afscheid te kunnen nemen.

Ook bij het overlijden van mijn vader konden we geen afscheid nemen.  Hij stapte voor ons volkomen onverwachts zelf uit het leven. Wonderlijk, dat juist zij, die mij geleerd hadden goed afscheid te nemen, op deze manier heengingen. Het heeft voor mij het rouwen en betekenis geven lastig gemaakt. Ik begreep toen ook dat rouwen een werkwoord is. Er was werk aan de winkel. Ik mocht aan de slag met mijn

“niet-gehuilde tranen”

Dit thema zie ik ook vaak terug bij mijn cliënten. Of het nu gaat om afscheid nemen van je geliefde, van een ander dierbaar iemand, van collega’s, van je werk of van je gezonde lichaam dat ziek is geworden. Vaak is er sprake van niet genomen rouw, dat zich op verschillende manieren kan manifesteren; door stress, lichamelijke klachten, boosheid, of in andere vormen.

Ik noem het de “niet-gehuilde-tranen”. De cirkel van contact is niet afgemaakt en kan daarmee in de binnencirkel terechtkomen. Er is óf niet genoeg gerouwd, óf er is onvoldoende betekenis gegeven aan het verlies. Als dat het geval is, heeft degene soms ook moeite om weer goed in een nieuw contact te komen of zich te kunnen hechten.

Zo herinner ik me een man die bij me kwam en al 15 jaar bij zijn huidige werkgever werkte. Hij was door de manager naar mij verwezen omdat hij stressklachten had. In ons kennismakingsgesprek sprak hij misschien wel 50% van de tijd over zijn vorige werk. Het bedrijf was destijds failliet gegaan. Van de ene op de andere dag hoefde hij niet meer te komen. Er was geen afscheid; niet van de werkplek, niet van de collega’s en niet van de leidinggevende. Hij bleef zich in zijn huidige werk onbewust vastklampen aan het oude. En het werd al snel helder dat hem dat al die jaren in de weg heeft gestaan om zich opnieuw op zijn plek te voelen in zijn “nieuwe” baan. Hij had de cirkel nog af te maken.

De cirkel rondmaken is belangrijk. Ook al is het jaren later. Soms is het een hele klus, soms is de bewustwording daarop al een stap in de goede richting. Maar doorgaans is het een heilzame en waardevolle reis.

Wil je meer weten over dit onderwerp? Of heb jij iets te doen met je “niet-gehuilde tranen”? Bel me gerust voor een vrijblijvende afspraak.

Meer blog berichten

Succesvolle managers zijn altijd in ontwikkeling.

Voor mij is een succesvolle manager iemand die zichzelf goed kent en van daaruit authentiek leidinggeeft. Iemand die stevig staat, keuzes maakt vanuit eigen waarden én tegelijk ruimte laat voor de kwaliteiten van anderen. Iemand [...]